Ben jij al een beetje een diabeet?

Je hoort het om je heen, je ziet het op het nieuws, je leest het in de bladen; het gaat niet goed met onze gezondheid. We worden steeds vaker ziek en ook steeds vroeger. Niet lang geleden bestond er nog zoiets als ‘ouderdomssuiker’. Die term is nu verleden tijd. Diabetes Mellitus type II wordt het nu genoemd. Een ziekte die vroeger pas optrad, als je de zestig lang en breed gepasseerd was, komt nu voor bij 50-, 40- en 30-jarigen. En dat is niet eens het ergste. Er zijn ook steeds meer kinderen die ‘ouderdomssuiker’ hebben. Hoe komt dat toch? Waar gaat het mis?

Wat is diabetes mellitus?

Diabetes mellitus is een stoornis in de bloedsuikerregulatie. Het betekent letterlijk zoete doorstroming, omdat de urine van mensen met diabetes zoet is. Ik heb het niet geproefd, maar het schijnt zo te zijn. Het lichaam probeert altijd in evenwicht (homeostase) te blijven. Dat geldt ook voor de suikerspiegel (glucosespiegel) van het bloed. Wordt die spiegel te hoog, dan produceert de alvleesklier insuline, zodat de cellen het glucose kunnen opnemen en de bloedglucosepiegel weer normaal wordt. Wordt die spiegel te laag, dan zijn er vijf hormonen die ervoor kunnen zorgen dat er toch genoeg glucose in de bloedbaan blijft. Bij diabetes gaat is er iets mis met het eerste regulatiemechanisme.

Bij diabetes is er continu te veel suiker aanwezig in je bloed. Dit kan (op den duur) zorgen voor blaasontstekingen, vermoeidheid, slechte wondgenezing, gevoelsstoornissen, slechte bloedvaten,  verminderd zicht, slechte nierfunctie en nog meer. Als je niet sterft door je slechte nieren, kun je in ook gewoon een been kwijtraken, omdat je je teen had gestoten en het niet gevoeld had en de wond niet wilde genezen. Ik wil je niet afschrikken. Ik wil alleen duidelijk maken dat een hoog glucosegehalte niet goed is.

Verschil Diabetes Mellitus type I en type II

Er bestaan twee soorten diabetes mellitus; type 1 en type 2. Type 1 wordt vooral gezien bij kinderen. De β-cellen in de alvleesklier zijn vernietigd, waardoor er geen of onvoldoende insuline geproduceerd kan worden. Hierbij is er dus een absoluut tekort aan insuline. Dit heeft verschillende oorzaken en er is maar één oplossing; insuline spuiten.

Vandaag wil ik het echter hebben over is diabetes mellitus type 2, een zogenaamde welvaartsziekte, een hele ernstige ziekte. Dit type is het resultaat van wat we eten en hoe we bewegen of beter gezegd, hoe we niet bewegen. Bij type 2 is er in de beginfase genoeg insuline, maar de cellen zijn er minder gevoelig voor en nemen dus ook minder glucose meer op. Het gevolg is dat de bloedsuikerspiegel stijgt en dat er symptomen optreden als veel drinken en veel plassen, maar meestal merk je er in het begin helemaal niks van.

Insulineresistentie

Het dieet van de oermens bevatte weinig suikers (koolhydraten). Hij kreeg er wel wat binnen uit groente, wortels en knollen en nootjes. In nootjes zaten ook een paar koolhydraatjes en als hij het aandurfde om een bijenkorf in te gaan, had hij er nog meer. Als er fruit was, kreeg hij ze natuurlijk ook zo binnen, maar dat was vaker niet dan wel. Het moge duidelijk zijn dat de oermens eerder een tekort aan koolhydraten had dan een teveel. Zijn hersenen draaiden volledig op glucose. Hij kon het zich dus niet veroorloven om van de natuur afhankelijk zijn om in zijn glucosebehoefte te voorzien. Daarom had hij, en wij dus ook, maar liefst vijf hormonen (cortisol, glucagon, adrenaline, noradrenaline en groeihormoon) die ervoor konden zorgen dat er uit eiwitten en vetten glucose gemaakt kon worden. Geniaal toch? En omdat de oermens maar weinig koolhydraten binnen kreeg, was er maar één hormoon dat voor de glucoseopname hoefde te zorgen. Ik vrees dat wij mensen iets te hard zijn gegaan voor de evolutie, want dat ene hormoon blijkt tegenwoordig niet voldoende te zijn. Maar aan wie ligt dat, aan de evolutie of aan onszelf?

Wat eet de gemiddelde Nederlander op een normale dag, wat eet jij? ‘s Ochtends boterhammen met hartig en met zoet of ontbijtgranen, ‘s middags boterhammen met hartig en met zoet, ‘s avonds aardappelen, groente en vlees, liefst met een paar glazen melk. Klopt wel zo ongeveer, toch? Wat zijn boterhammen? Wat zijn ontbijtgranen? Wat zijn aardappelen? Wat zijn aardappelen? Koolhydraten, koolhydraten, koolhydraten en nog eens koolhydraten. En dan heb ik alle tussendoortjes niet eens meegeteld. Het dagmenu van de gemiddelde Nederlander bestaat voor 64% uit koolhydraten. De oermens kwam niet eens in de buurt van de helft daarvan!

Bij iedere maaltijd wordt er een beroep gedaan op de alvleesklier. Deze moet insuline produceren. Insuline zorgt ervoor dat de cel zich klaarmaakt om glucose op te nemen. Keer op keer heel veel insuline produceren kost de alvleesklier veel energie. Het lichaam doet altijd zijn best om zuinig om te gaan met energie. Dus als je maar lang genoeg die alvleesklier om grote hoeveelheden insuline blijft vragen, gaat het lichaam over op een energetisch zuiniger mechanisme. Dat betekent simpelweg in plaats van steeds kleine (grote) beetjes in één keer een hele lading insuline het bloed in gooien. Dan is het zeker weten genoeg. Totdat er een keer meer insuline is dan glucose, dan krijg je een dipje, je wordt licht in je hoofd of je voelt je op een andere manier onaangenaam en wat zeg je dan? “Poeh, ik moet even wat zoets hebben hoor, mijn suiker is een beetje laag…”

Als er maar ladingen glucose en insuline het bloed in blijven komen, zeggen de cellen op een gegeven moment: “Ho, stop! We hebben genoeg!” Ze willen geen glucose meer. Dus wanneer insuline aanklopt om te vragen of ze nog wat glucose op willen nemen, verschuilt de insuline-importeur zich als iemand die achter een bank duikt voor een Jehova’s getuige. Op dat moment ben je insulineresistent. Maar het lichaam wil voor evenwicht zorgen. Dus zolang het glucosegehalte te hoog is, blijft het insuline produceren. Maar het mag niet baten en langzaam, maar zeker stijgt het glucosegehalte. Als het hoog genoeg is (en dat is voor iedereen verschillend), komen de symptomen en dan is daar de huisarts. En wat doet deze huisarts als eerste? Hij schrijft metformine voor, een middel om onder andere de cellen gevoeliger te maken voor insuline, zodat ze tóch glucose opnemen ook al hebben ze meer dan genoeg.

Ondertussen blijft de alvleesklier maar insuline produceren tot ze uitgeput raakt. Dan moet je uiteindelijk insuline spuiten.

Ben jij al een halve diabeet?

Het bloedsuikerregulatiemechanisme is verstoord lang voordat de symptomen ontstaan. Daarom kan best gesteld worden dat de meeste mensen met hun huidige voedingspatroon hard op weg zijn diabetes te ontwikkelen. Ja, jij waarschijnlijk ook dus en je kinderen (als je die hebt) ook. Om te kijken hoe het met je insulineresistentie gesteld is, kun je de volgende vragen beantwoorden.

  1. Heb je moeite een maaltijd over te slaan?
  2. Voel je precies, wanneer het etenstijd is?
  3. Heb je wel eens een flauw gevoel, als je een paar uur niet gegeten hebt?
  4. Eet je brood/aardappelen/rijst/pasta?
  5. Drink je melk?

Als het antwoord op de meeste vragen ‘ja’ is, gaat het helaas niet zo heel goed met je. Maar wees gerust. Als je nog niet aan de insuline zit, is er nog tijd om het tij te keren. Zit je al wel aan de medicijnen, vertel je arts dan waar je mee bezig bent en laat hem dit artikel lezen. Stop nooit zomaar met je medicijnen. Ik ben wel arts, maar niet jouw arts. Dus wees voorzichtig.

Genees jezelf

Normaal zeg ik dat je voeding als medicijn moet gebruiken. In dit geval is geen voeding het medicijn. Ban suiker uit je leven. Frisdranken, snoepjes, koekjes, je weet wel wat ik bedoel. Maar ook en vooral die granen. Weg met de boterhammen, rijst en pasta’s. Laat ook die aardappelen staan. Ze maken een diabeet van je! Hou het bij groente, vlees, vis, noten en gezonde vetten (olijfolie, kokos, roomboter). In de beginfase is het beter om ook fruit te laten staan. Sla eens een maaltijd over of eet een dag niet. Doe er alles aan om ervoor te zorgen dat je cellen weer glucose willen hebben.

De beste manier om dat te doen is door voorraden die je nu hebt op te maken. Die voorraden zitten in je spieren en ook een beetje in lever. Hoe maak je die voorraden op? Heel simpel, door je spieren te gebruiken, bewegen dus. Hierbij moet je wel aan twee voorwaarden voldoen:

1. Je spieren gebruiken betekent krachttraining. Dus niet een stukje wandelen. Nee, gewoon met gewichten aan de slag. De kettlebell is hier uitermate geschikt voor.

2. Je moet nuchter bewegen. Je kunt je wel voorstellen dat het niet heel nuttig is om te sporten, als je net een bord spaghetti op hebt.

Waarschijnlijk zul je je even totaal niet lekker voelen; licht in het hoofd, enorme honger en meer van dat soort dingen. Je lichaam schreeuwt om snelle suikers. Maar geen paniek. Je kunt dus zelf glucose maken uit eiwitten en vetten. Draag je overtollig vet bij je, dan is dat een prima bron. Ik zou bijna iets heel belangrijks vergeten. Als je stopt met al die koolhydraten, dan val je ook nog eens af!

In conclusio

Met het menu van de gemiddelde Nederlander maak je je lichaam ongevoelig voor insuline, wat uiteindelijk kan leiden tot diabetes mellitus type II. Als je er op tijd bij bent, kun je dit proces omkeren door simpel de slechte koolhydraten uit je leven te bannen en nuchter te gaan bewegen. Ik zeg simpel, maar ik kan me voorstellen dat dit helemaal niet zo simpel is. Begin in ieder geval met het laten staan van de koolhydraten bij je avondeten en breidt dit uit naar de rest van de dag. Je zult afvallen en je fitter, gezonder en energieker voelen. Veiligheid boven alles, raadpleeg een deskundige of een arts.

Dit is een hele lap tekst, maar oh zo belangrijk. Hou deze kennis niet voor jezelf. Verspreid het!

Heb je vragen of opmerkingen? Laat het me dan hieronder weten.

9 Comments

  • Verofit

    11 december 2012

    het valt niet mee om mensen te overtuigen dat brood niet zo goed voor je is. hier kun je het goed en duidelijk uitgelegd lezen. (bedankt Jenaida)

  • Afieke

    10 maart 2013

    Goed verhaal, zeg. Duidelijke uitleg, fijn om dit te hebben gelezen en te kunnen doorgeven aan anderen! Jenaida, wanneer komt je eerste boek uit? 😉

  • Afieke

    10 maart 2013

    Euh ik bedoel natuurlijk je eerste boek van papier hè! Want je hebt e-boeken geschreven, dat weet ik. Maar dit soort verhalen moeten wat mij betreft in elke de Bruna liggen 🙂

  • Jenaida,

    wat een mooi verhaal, dit komt duidelijk over, het is inderdaad moeilijk om mensen te overtuigen geraffineerde suikers te laten staan en nog moeilijker om brood te laten verminderen maar volkoren brood met groente en fruit dat lukt nog wel en helpt de pieken te voorkomen door alle vezels die er in zitten.
    Ik vind jou blogs geweldig om te lezen je legt het zo makkelijk en vooral begrijpbaar uit,lieve Jenaida, bedankt.

  • Natasja

    4 augustus 2013

    Hi Jenaida,

    Goede blog, ik lees het allemaal met interesse.
    Even een vraagje, wat vind jij van dit artikel? http://www.paleoforwomen.com/carbohydrates-for-fertility-and-health/

    Hebben wij (zeker als vrouwen dus) niet ook gewoon koolhydraten nodig denk je?

    Ben benieuwd naar je mening.

    Groetjes, Natasja

    • Jenaida

      9 augustus 2013

      Bedankt voor het artikel Natasja. Interessant! Veel mensen denken dat oervoeding staat voor low carb. In verhouding tot de adviezen van het coedingscentrum is het dat ook best wel, maar ja die adviezen…

      Niet iedereen is hetzelfde. Voor veel mensen kan low carb (<30%) gezondheidsbevorderend zijn, maar voor mij persoonlijk wat minder. Dan val ik af. Dus ik kan me wel vinden in de beredeneringen uit het artikel en de andere genoemde artikelen.

      Alleen de vraag is welke koolhydraten eet je dan? Ik houd het bij fruit, zoete aardappel en af en toe quinoa.

  • corina

    24 december 2013

    Hoi, duidelijk artikel om te lezen. Ik heb nog wel een vraag: ik ben zelf insulineresistent maar heb juist heel veel trek in zoetigheid.. hoe kan dat?

    • Jenaida

      5 februari 2014

      Zoetigheid is altijd schaars geweest, daarom hebben we geen rem op zoet.